Druk druk druk

Auteur: Edgar Johannsmann
Publicatiedatum: 17 januari 2007

druk druk druk.jpgIedereen is tegenwoordig druk of zegt in ieder geval druk te zijn. Als je niet druk bent hoor je er niet bij. Niemand - behalve de raamambtenaren, waarvan toch al niemand gelooft dat ze druk zijn - durft nog te zeggen dat hij niet altijd even druk is, wel eens luiert, wegdroomt, doelloos op het web surft of uit het raam kijkt.

Druk zijn is een statussymbool geworden. Het is een groter statussymbool dan allerlei materiële zaken als auto's huizen en boten. Het mooie is dat dit een statussymbool is waar iedereen over kan beschikken. Je hoeft er in tegenstelling tot voornoemde statussymbolen niet vermogend voor te zijn.

Maar waarom zijn we nou zo druk in de weer met z'n allen? We houden ons voor dat we wel zo druk moeten zijn om de concurrentie vóór te blijven; we leven immers in een global economy en om nog enigszins mee te kunnen komen met onze hoge loonkosten en onze handelsbalans op peil te houden, moeten we de benen onder ons lijf vandaan lopen. Onze lonen zijn dus eigenlijk te hoog, zou je zeggen? Als we onze lonen nu verlagen, krijgen we het dan minder druk? Nee, want dan neemt paradoxaal genoeg de vraag naar onze producten toe, stijgt de export en krijgen we het dus juist nog drukker.

Maar als iedereen werkelijk zo druk is, kunnen we dan niet concluderen dat allerlei efficiencyverhogende mechanisering en automatisering onvoldoende effect hebben gesorteerd? Dit vraagstuk wordt ook wel de ‘productiviteitsparadox' genoemd. De productiviteitsparadox stelt dat ondanks de toenemende automatisering, de arbeidsproductiviteit niet noemenswaardig is toegenomen. Of moet er nu gewoon met veel minder mensen veel meer werk worden verzet en hebben mechanisering en automatisering deze groei niet kunnen opvangen? Of zijn die efficiencyverhogende maatregelen toch niet zo effectief als we altijd dachten en hoopten? Er zijn wetenschappers die stellen dat de productiviteitsparadox is opgelost, maar in deze column wil ik een nog niet genoemde verklaring toevoegen, namelijk het uitvoeren van onzinnige werkzaamheden die op korte termijn geen substantiële waarde toevoegen.

Zowel in huishoudens als in organisaties is ons veel van het arbeidsintensieve werk uit handen genomen door de technologie. Zijn we die vrijkomende tijd dan met nieuwe bezigheden gaan opvullen? Ik denk het wel. In onze vrije tijd zijn we gaan golfen, concerten bezoeken, ringtones downloaden en video kijken en op het werk hebben we de productie verruild voor vergaderen, heisessies, 360-graden feedback, coaching, evaluatie en werkoverleg.

We kunnen concluderen dat de mens gewoon zorgt dat ze het altijd druk houdt, ongeacht de daadwerkelijke werkhoeveelheid. Hij vult de door mechanisering en automatisering vrijgekomen tijd in met activiteiten die op korte termijn geen substantiële waarde toevoegen. Laten we dit de " Wet van behoud van drukte" noemen. Dit is een extra verklarende factor bij de oplossing van de productiviteitsparadox voor kantooromgevingen; we zijn in de vrijkomende tijd extra - minder zinnige - dingen gaan doen die dus op korte termijn weinig of geen extra waarde toevoegen.

Druk, druk, druk is ook een veelgehoord excuus waarom iemand een lange tijd niets van zich heeft laten horen. Maar wat zegt hij hiermee in feite? Aangezien iedereen over exact evenveel tijd beschikt is dit een kwestie van prioritering; hij heeft wel tijd, maar maakt deze niet voor jou vrij. Hij vindt jou dus minder belangrijk dan andere zaken. Iemand die zijn drukte als excuus tegen je gebruikt zegt dus eigenlijk: "Ik vind jou minder belangrijk". De vraag is of deze uitspraak van sociale intelligentie getuigt en waarom hij dit niet in deze laatste rechtstreekse bewoording durft te zeggen?

Mensen zijn bang om overbodig te worden; uitgestoten uit het arbeidsproces. We zijn bang voor de leegte en ledigheid. We willen ons onzinnige bestaan zin geven door de ledigheid op te vullen en daarvoor moet alle tijd maximaal worden opgevuld met een schijnbare zinnigheid en dat leidt tot drukte. Maar ook zijn we bang om onze sociale status te verliezen. Daarom probeert de een nog harder te rennen (of te fingeren dat hij hard rent) dan de ander.

Herken je deze: iemand belt jou op kantoor terwijl jij net vrolijk met je benen op het bureau uit het raam zit te staren. Hij vraagt of hij gelegen belt en jij antwoord dat het wel even kan, mits hij het kort houdt, want je bent immers druk, druk, druk...

Als we allemaal druk zijn, hoeven we toch niet meer druk, druk, druk tegen elkaar te zeggen, want dat weten we immers reeds van elkaar? Of zouden we toch niet zo druk zijn, waardoor we het steeds moeten herhalen om het anderen en onszelf te doen geloven?

Is het niet zinnig om meer tijd vrij te houden in de agenda's voor reflectie, creativiteitsstimulatie en het onderhouden van relaties? Dit leidt tot stressreductie en onthaasting. Het vraagt wel om een heldere prioritering, want om de "Wet van behoud van drukte" te doorbreken, zullen er hoe dan ook activiteiten die minder waarde toevoegen moeten worden geschrapt.