Professioneel werken

Auteur: Edgar Johannsmann
Publicatiedatum: 6 maart 2008

leon the professional.jpgIn de praktijk wordt er zeer vaak gesproken over ‘professioneel werken’ of zoals in de organisatieadviespraktijk heeft men het over het ‘professionaliseren van organisaties’.

Maar wat betekent dit nu; wat is professioneel werken? Daarvan zie je noch in de bedrijfskundige literatuur, noch in de praktijk veel concrete voorbeelden. Alleen in de geneeskunde en medische sector is het vast onderdeel van het curriculum, maar binnen andere universitaire disciplines en branches is het vrijwel onontgonnen terrein.

Vakverenigingen van beroepsgroepen hebben vaak wel gedragscodes. Zo hebben de vakverenigingen van organisatieadviseurs; de OOA en ROA een gezamenlijke Body of Knowledge and Skills (BoKS) en gedragscode die de professionele standaarden op hoofdlijnen beschrijft. Dit competentieprofiel en de gedragcode beschrijven echter slechts de ondergrens van kwaliteit; het mimimaal te leveren kwaliteitsniveau.

Definitie professionaliteit

Allereerst moeten we het begrip ‘professionaliteit’ definiëren.

Definitie: “Onder professioneel gedrag wordt verstaan observeerbaar gedrag waarin de normen en waarden van de beroepsuitoefening zichtbaar zijn” (ontleend aan Consilium Abeundi, 2002).

Als we het hier hebben over professioneel werken, dan hebben we het in het bijzonder over professionaliteit bezien vanuit individuele personen en niet op teamniveau.

Professioneel heeft van origine de betekenis ‘beroepshalve’. “Hij is een professioneel voetballer”, betekent dat hij er de kost mee verdient, al heb je tegenwoordig ook betaalde amateurs (semi-profs). In dit artikel gaat het niet over dit onderscheid tussen professional versus amateur. In de context van dit artikel kan een amateur ook professioneel werken.

We dienen professioneel bovendien niet te verwarren met de modellen en terminologie van Mintzberg. Hij heeft het over de ‘professionele organisatie’ en de ‘professional’. Hiermee duidt hij een soort organisatie met hoogopgeleide zelfsturende beroepsbeoefenaren aan, waarbij het voornaamste coördinatiemechanisme bestaat uit de Z.g. ‘standardization of skills’ (Mintzberg, 1989).

Het zijn dus niet alleen professionals in de zin van Mintzberg als we het hier over professioneel werken hebben, maar ook de bakker op de hoek kan professioneel werken.

In onze opvatting hebben we het over Professioneel als we een bepaald kwaliteitsniveau van persoonlijk optreden in werksituaties willen aanduiden. Aan welke kwaliteitscriteria een persoon moet voldoen om de kwalificatie ‘professioneel’ te krijgen is het onderwerp van dit artikel.

Professionaliteitskenmerken kunnen worden onderverdeeld in generieke kenmerken (geldend voor alle mensen in werksituaties) en specifieke kenmerken (geldend voor specifieke activiteiten of beroepen). In dit artikel focussen we op de generieke kenmerken.

Generieke kenmerken professionaliteit

Hieronder volgt een eerste aanzet tot een opsomming van de generieke kenmerken van ‘professionaliteit’:

  • Expertmatige kennis en vaardigheden (vakkennis);
  • Denkend en handelend vanuit actuele vakkennis/wetenschappelijke kennis;
  • Integriteit;
  • Assertiviteit (zoals ‘nee’ durven zeggen; bewaking van de eigen grenzen richting omgeving);
  • Handelen vanuit het belang van de klant (ook als dit op gespannen voet staat met het eigenbelang);
  • Positief kritische opstelling (altijd kritisch zijn, maar wel vanuit constructieve optiek);
  • A-politieke opstelling (in organisaties is vaak sprake van een politiek krachtenveld. Een professional kan hier wel mee omgaan, maar draagt er zelf niet actief aan bij);
  • Onafhankelijkheid (geen belangenverstrengeling);
  • Ruggengraat (ook bij druk van buiten zich houden aan de eigen principes);
  • Accuratesse;
  • Betrouwbaarheid;
  • Doel-middelen-denken (altijd het doel voor ogen houden en bekijken hoe dit het beste bereikt kan worden met de schaarse middelen);
  • Prioriteiten kunnen stellen;
  • De eigen beperkingen kennen en weten wanneer op grond daarvan werk te weigeren of door te verwijzen naar een specialist;
  • Mensgericht, empathisch (rekening houdend met de gevoelens en behoeften van anderen);
  • Een zekere distantie bewaren tot de klant (geldt voor professionele dienstverleners) ;
    De klant van repliek durven dienen (bijv. indien de wens van de klant niet overeenstemt met de professionele opvatting);
  • Methodisch werken (volgens standaard- of maatwerkmethoden);
  • Op ieder moment verantwoording kunnen afleggen over de gekozen aanpak en overwegingen die een rol hebben gespeeld bij de keuze;
  • Pro activiteit;
  • Maakt slechts gebruik van de macht uit hoofde van de functie, voor zover deze nodig is voor het adequaat uitvoeren van de functie (negatief gesteld: maakt geen misbruik van macht);
  • Altijd het proces leiden/de regierol nemen als niemand deze heeft of oppakt;
  • Primaire sturing door professionele opvatting vak en ethiek. Nooit laten leiden door andere (commerciële) belangen;
  • Continu leren (lifetime learning);
  • Reflecteren op eigen gedrag (zich buiten zichzelf kunnen plaatsen om eigen gedrag te beoordelen);
  • Gericht op het leveren van de hoogste kwaliteit binnen de gegeven restricties (tijd, geld);
  • Structureel evalueren van activiteiten en feedback geven en vragen (om eigen handelen en dat van anderen te verbeteren);
  • Kan goed omgaan met feedback / kritiek;
  • Holistische benadering (zaken benaderen vanuit het overkoepelende organisatiebelang; niet slechts vanuit het eigen individu of afdeling);
  • Multidimensioneel denken (buiten gebaande paden/’out of the box’/scenariodenken e.d.);
  • Goede communicatie en registratie van werkzaamheden (voorbeeld: na het maken van een afspraak, direct op eigen initiatief een afspraakbevestiging toesturen om misverstand te voorkomen). Altijd streven naar volledige helderheid en transparantie in de werkrelatie;
  • Nooit beweringen zomaar voor waar aannemen (hoor en wederhoor toepassen waar mogelijk);
  • Bij informatie altijd een bron kunnen vermelden en zomogelijk de informatie verifiëren indien twijfel over de juistheid kan bestaan;
  • Afspraken durven aangaan en vervolgens nakomen;
  • Voldoende opgeleid met kennis en ervaring om goed toegerust te zijn voor de taak (standardization of skills conform Mintzberg);

Deze opsomming beoogt niet uitputtend te zijn. Het is een aanzet om te komen tot een operationele definitie van generieke ‘professionaliteit’. De auteur houdt zich graag aanbevolen voor commentaren en aanvullingen.